Tref je jouw kind wel eens, een paar uur nadat je hem/haar in bed hebt gelegd, verward en versuft aan terwijl hij/zij over de gang wandelt? Of staat hij ineens in alle rust in de woonkamer of jouw slaapkamer? Slaapwandelen kan er zenuwslopend en gevaarlijk uit zien maar is een veel voorkomend slaapprobleem bij kinderen. Wat is slaapwandelen? Wanneer komt het voor? Hoe zorg je er voor dat jouw slaapwandelaar veilig blijft? En kun je er wat aan doen? Dat lees je in dit artikel.

Wat is slaapwandelen?
Er zijn twee categorieën slaapstoornissen te onderscheiden, namelijk dyssomnieën (slechte slaap) en parasomnieën (vreemde slaap). Slaapwandelen is een parasomnie net als nachtmerries en pavor nocturnus (nachtelijke paniek). Het kan ook in combinatie met elkaar voorkomen.

Ondanks de naam houdt slaapwandelen meer in dan alleen uit bed kruipen en door het huis wandelen. Het gedrag van een slaapwandelaar kan verschillen van onschuldig rechtop in bed zitten tot gevaarlijker buiten lopen en ongepast in een kast of bed plassen. Ook herhalen van bewegingen zoals in de ogen wrijven of over de pyama strijken, praten in de slaap en onhandig gedrag kunnen bij slaapwandelen horen. Een slaapwandelaar handelt niet naar zijn dromen en voert dus geen droom uit. Wat jouw kind ook doet tijdens het slaapwandelen hij/zij kan zich er de volgende ochtend waarschijnlijk niets van herinneren. Slaapwandelende kinderen zijn vaak moeilijk wakker te krijgen, zijn versuft, kunnen onhandig zijn en reageren vaak niet wanneer je tegen ze spreekt. Ondanks dat zij hun ogen open kunnen hebben, en uitdrukkingsloos voor zich uit staren, zien zij niet hetzelfde als wanneer ze wakker zijn. Vaak denken zij ook dat zij zich in een andere ruimte van het huis of andere plaats bevinden. De duur van een slaapwandel periode kan variëren van 5 tot 40 minuten.

Wanneer en hoe vaak komt het voor?
Slaapwandelen komt net als Pavor nocturnus (nachtelijke paniek) vooral voor in het eerste gedeelte van de nacht. Voor slaapwandelen moeten kinderen uiteraard wel wat ouder zijn. Slaapwandelen komt het meest voor bij kinderen tussen de vier en acht jaar. Vanaf een jaar of twaalf jaar en bij volwassenen is slaapwandelen veel zeldzamer. De meeste slaapwandelaars groeien er vanzelf overheen. Het is onduidelijk hoe vaak slaapwandelen precies voorkomt, er is een relatief grote groep kinderen (40%) die wel eens geslaapwandeld heeft, 1 tot 6% van de kinderen zou dit vaker doen en wel één of meerdere keren per week. Het zou iets vaker voorkomen bij jongens dan bij meisjes.

Wat veroorzaakt het slaapwandelen?
Het kan een veel voorkomend probleem in de familie zijn, dus als jij of je partner zelf slaapwandelaars zijn of waren, is jullie kind het mogelijk ook. Andere factoren die het slaapwandelen eventueel kunnen veroorzaken zijn: gebrek aan slaap of vermoeidheid, een onregelmatig slaapritme, ziekte, koorts of bepaald medicatiegebruik. Wanneer het kind last heeft van stress, spanning of angst kan slaapwandelen vaker voorkomen. Ook medische condities als slaapapneu (frequent stoppen of verminderen van ademhaling), epileptische aanvallen of een trauma kunnen slaapwandelen veroorzaken. Slaapwandelen is meestal geen aanwijzing dat er emotioneel of psychologisch iets mis is met een kind. Het zorgt ook niet voor emotionele schade omdat het kind zich er vaak niets van kan herinneren.

Is slaapwandelen gevaarlijk?
Slaapwandelen is op zichzelf niet gevaarlijk. Slaapwandelen kan wel gevaarlijk zijn doordat het kind niet wakker is en zich vaak niet realiseert wat het doet. Zij kunnen gevaarlijk gedrag vertonen door bijvoorbeeld een trap af te lopen of een raam open te doen en zij kunnen door het feit dat ze niet wakker zijn zeer ongelukkig vallen. Wanneer het slaapwandelen gepaard gaat met angstdromen of nachtmerries kunnen kinderen gevaarlijker gedrag vertonen omdat zij mogelijk het gevoel hebben te moeten vluchten.

In tegenstelling tot wat men wel eens denkt is het niet gevaarlijk, maar wel moeilijk, om een slaapwandelend kind wakker te maken omdat het in een diepe slaap verkeert. Wanneer het wakker wordt zal het even versuft zijn maar zich niets herinneren van het slaapwandelen. Het slaapwandelen stopt vaak spontaan en het kind zal dan rustig terug naar bed gaan en verder slapen.

Slaapwandelen is meestal geen aanwijzing dat er emotioneel of psychologisch iets mis is met een kind. Het zorgt ook niet voor emotionele schade omdat het kind zich er vaak niets van kan herinneren.

Tips om de slaapwandelaar veilig te houden.
Het is erg belangrijk om voorzorgsmaatregelen te treffen in huis als je ontdekt dat jouw kind slaapwandelt. Zorg er voor dat je kind veilig is terwijl het slaapwandelt. Beperk de kans dat jouw kind ergens vanaf kan vallen (bijvoorbeeld een stapelbed of de trap), tegen aan kan lopen of zichzelf aan scherpe voorwerpen kan bezeren. Verwijder gevaarlijke, scherpe en breekbare voorwerpen van de ruimte rondom het bed van je kind. Doe ramen en deuren indien mogelijk op slot. Niet alleen het raam in de slaapkamer van je kind maar het liefst in het gehele huis, omdat je kind misschien door het hele huis wandelt.  Je kunt ook overwegen om een speciaal kinderslot op bepaalde kastdeuren te plaatsen om gevaar te beperken. In sommige gevallen is het aan te raden om een vloerkleed of speelkleed uit de kamer van het kind te halen omdat het er mogelijk over kan struikelen.

Probeer de slaapwandelaar niet wakker te maken omdat het je kind mogelijk angstig kan maken. Begeleid hem/haar liever op een rustige manier terug naar de slaapkamer en het eigen bed.

Slaapwandelen verhelpen, verminderen of voorkomen.
Mits het slaapwandelen erg vaak voor komt, er voor zorgt dat je kind overdag extra vermoeid is of jouw kind in gevaar brengt is het vaak niet nodig om slaapwandelen te behandelen.

  • Veroorzaakt het slaapwandelen andere problemen of groeit jouw kind er in de tienerjaren niet overheen? Neem dan contact op met de huisarts. Ook wanneer je denkt dat een medische conditie oorzaak kan zijn voor het slaapwandelen is het aan te raden een dokter te raadplegen.
  • Slaapwandelen kan voor komen doordat het kind niet uitgerust is. Als het kind niet te oud is kun je proberen opnieuw een korte middagslaap in te voeren. Beperk de duur van het slapen om te voorkomen dat je kind ’s avonds niet moe genoeg is om in slaap te vallen. Soms is een half uurtje al voldoende. Kijk ook met behulp van dit artikel of de bedtijden en de slaapbehoefte van jouw kind op elkaar aansluiten.
  • Laat je kind ’s avonds niet te veel meer drinken en zorg dat hij/zij naar het toilet is geweest voordat ze gaan slapen. Een volle blaas kan ook een trigger zijn voor slaapwandelen of er voor zorgen dat je kind tijdens het slaapwandelen ‘ongelukjes’ heeft.
  • Zorg voor een rustig en vast bedritueel zodat jouw kind ontspannen gaat slapen.
  • Zorg voor een goede slaapomgeving. Lees hier waar een ideale slaapomgeving voor kinderen aan moet voldoen.
  • In sommige gevallen is het een goed alternatief het kind een half uur voordat het gewoonlijk gaat slaapwandelen gedeeltelijk wakker te maken. Waarom dit werkt is nog niet uit onderzoek gebleken maar het werkt wel. Voorwaarde is dat je middels een slaapdagboek of logboek goed op de hoogte bent van het tijdstip dat het kind gewoonlijk gaat slaapwandelen. Meestal is dit elke nacht rond dezelfde tijd (in het eerste deel van de nacht terwijl de ouders nog wakker zijn). Als het kind bijvoorbeeld tussen 23:30 en 00:30 gaat slaapwanden, maak je hem/haar om 23:00 uur gedeeltelijk wakker. Als het kind gedeeltelijk wakker is zal het wat glazig voor zich uit kijken, wat mompelen en weer gaan liggen. Dit blijkt goed te zijn. Als je kind ‘echt’ wakker wordt moet je hem/haar de volgende keer iets eerder wekken. Herhaal deze techniek twee weken lang elke nacht en bouw het vervolgens af (de derde week een nacht minder, de vierde twee nachten enzovoorts). Keert het slaapwandelen weer terug pas je het nachtelijke wekken  opnieuw toe.

Wil je meer weten of persoonlijk advies? Vul dan het aanmeldformulier in en maak gebruik van een consult van een van onze pedagogen.