Elke ouder geeft zijn kind soms toch een toetje terwijl de afspraak was om eerst zijn bordje leeg te eten of een snoepje om rustig boodschappen te kunnen doen. Daar is op zijn tijd niets mis mee. Maar zodra je kind ‘nee’  te horen krijgt en dan begint te gillen, te huilen of te zeuren om zijn zin te krijgen. Is het voor veel ouders een valkuil om na het kalmeren (en niets blijkt te helpen) toch maar toe te geven. Het is mogelijk om dit patroon te doorbreken. In deze blog waarom is het belangrijk om ‘nee’ te zeggen en welke alternatieven zijn er op ‘nee’?

Waarom ‘nee’ zeggen?
Nee zeggen is niet gemeen. Kinderen zijn in eerste instantie teleurgesteld als zij hun zin niet krijgen. Als ouders geef je je kind met ‘nee’ zeggen een belangrijke les mee, namelijk dat er in het echte leven grenzen zijn waaraan iedereen zich moet houden. Je leert je kind dat niet alles hem zomaar toekomt. Zo zal hij in de ‘echte’ wereld later problemen ondervinden op school en op het werk. Nee zeggen bereidt een kind voor op de puberteit en volwassenehid. Een kind leert hoe belangrijk het is om nee te zeggen tegen zichzelf maar later ook tegen anderen. Als ouders is het van belang te beseffen dat als je toegeeft, je kind je minder serieus neemt en je je kind leert om je te manipuleren.

Kinderen testen hun grenzen bijna elke dag. Maar de hele dag ‘nee’ roepen is ook niet leuk en verliest zijn effect.

„Natuurlijk willen we graag dat onze kinderen vrolijk en blij zijn en doen we er alles aan hen tevreden te houden. Maar als onze kinderen nooit kwaad op ons worden, of zich nooit gefrustreerd en teleurgesteld voelen, dan is dat een teken dat wij onze taak als opvoeders niet goed doen. Want hoe moeten je kinderen leren omgaan met frustratie en teleurstelling als ze dat nooit hebben kunnen oefenen? En hoe zullen je kinderen zelfdiscipline kunnen ontwikkelen als jij hun dat niet leert? Het is jouw taak hun deze belangrijke lessen te leren door in bepaalde situaties nee te zeggen.” — David Walsh.

Zo eenvoudig dat het op papier staat zo moeilijk is de werkelijkheid. Kinderen testen hun grenzen bijna elke dag. Maar de hele dag ‘nee’ roepen is ook niet leuk en verliest zijn effect. Gebruik daarom af en toe deze 5 alternatieven om ‘nee’ te zeggen:

1) Zeg ‘ja’ waar kan en ‘nee’ waar het echt moet
Veel ouders zeggen al ‘nee’ terwijl het soms ook gewoon een ‘ja’ kan zijn. Als je alleen het woord ‘nee’ gebruikt waar het echt niet kan en mag dan neemt je kind je eerder serieus. Je kind zal daardoor minder snel de strijd aan gaan omdat hij weet als jij ‘nee’ zegt dat met een goede reden is.

2) Geef je kind een keuze
Als je kind om snoep vraagt of je natuurlijk niet toe te geven. Maar je geef je kind in plaats van ‘nee’, de keuze tussen bijvoorbeeld druiven of een mandarijn. Kinderen ervaren minder een ‘nee’ als zij een keuze hebben.

3) Geef een alternatief
Wil je kind met de bal in huis spelen maar jij vindt dit geen goed idee? Zeg dan geen ‘nee’ maar stel voor om buiten met de bal te gaan spelen. Wat volwassenen vaak heel logisch vinden is voor kinderen vaak nog lastig. Help je kind daarom met het vinden van passende oplossingen.

4) Verwacht niet teveel
De perfecte ouder en het perfecte kind bestaan niet. Waarom mag je kind soms niet gewoon lekker door de plassen banjeren als jullie in het bos zijn? Als hij toch ‘s avonds nog in bad moet. Laat je kind ook lekker kind zijn, zo voorkom je ook vaak ‘nee’ zeggen.

5) Leid je kind af
Als je kind in de supermarkt erop staat dat hij die zak chips mag meenemen. Zeg dan tegen je kind “weet je nog dat we vorige week ook een zak chips hebben gekocht? Die hebben we nog helemaal niet opgegeten. We gaan die eerst op eten en als die op is dan kopen we een nieuwe”. Je kind mag dan best even teleurgesteld zijn maar benoem dan ‘mama, weet dat jij het jammer vindt dat jij deze chips niet mee mag nemen maar we hebben chips thuis en die kunnen we ook lekker opeten’.